<Agenda   Recensie   Zoeken   Links
Berends, Gerard

 



BOOMGRENS

tot ver boven de boomgrens ritselt
de hoogte elk begin van alfabet

waaronder gletsjerglinsterende tongen
en alledaagse schedelbasisfracturen

tot ver boven de boomgrens het wit
van dit en dat het woord en zo

want bergen die zich op hun zij
draaien verliezen veel boomhoogte

Gerard Berends



KAMEEL

en of het dan een kameel is of
een ridder met doordeweekse knieën

of een gebrandschilderd oog of
een blikken busje met tomatenpuree

maakt me niet uit maar dan toch
het liefst een kameel

een kameel met een houten buik
met een vurenhouten buik

het kan ’s nachts heel koud zijn
in de woestijn

Gerard Berends



LEVEN

gisteren een gebaar gemaakt
zomaar opeens en onvoorbereid

blindelings en al bijna dood
een of ander gebaar gemaakt

iets als wie niet weg is is gezien
maar eigenlijk was het een gebaar

van niks wat mij betreft had het
ook mogen gaan regenen

een hond telt nooit zijn poten
dacht ik nog rakelings weg

Gerard Berends



AFSCHEID

ik zwaaide een avond met zoveel armen

dat aanstaande moeders ernstig lachten

en mijn hoofd een laat cryptogram werd

in een eenzaam dal met zeventien letters


een trein sneed traag langs een rivier

en in een wei vielen brandende kaarsen

Gerard Berends



IDEEEN

de man met het oor vol gras en

de man met het konijn uit israël

hebben allebei een oude vriend

in een groot huis en ’s zaterdags

ook nog een loslopend hondje



als het niet te druk is op straat

en de bomen vriendelijk wuiven

hebben ze ideeën over glasteelt

Gerard Berends



NU

nu de zon steeds meer struikelt en

zich elke dag sneller terugtrekt


nu de zon zich geen zomer weet

ben ik ver weg op het kale veld en

fluister een uit het hoofd geleerde

zangeres zonder voeten en noten

Gerard Berends